Wilbert Vogel typeert zichzelf als maker in termen zoals ‘vaag en ambigue’; de waarheid ligt niet voor het oprapen en staat nooit vast. Het medium waarin hen opereert is het digitale; ofwel het maakt niet uit wat er gemaakt wordt, zolang er maar een computer bij betrokken is. Comfort in het makerschap vind hen in digitale tools, code, het internet en oude religieuze teksten. Inspiratie komt vanuit de filosofie, muziek of literatuur. Sampelen is diens tweede aard. Het extraheren van informatie uit iedere datastroom is een gegeven. Dit zet hen graag om tot ervaringen die iets geven, wat dat ook mag zijn. Betekenis en nut is aan de toeschouwer om in te vullen, de maker is immers iemand die alleen kan proberen om iemands gedachten te sturen.
Tekst door Esther van Rosmalen
